Geschreven door Jasper van Minos, Co-Owner / Microsoft Certified Technology Specialist.

Jasper van Minos biedt inzicht in de mogelijkheden van Microsoft 365 automatisering en moderne werkplekken, met een focus op het optimaliseren van systemen voor efficiëntie en betrouwbaarheid.

Dit artikel biedt een informatieve kijk op het uitvoeren van goedkeuringsworkflows tijdens een Microsoft 365 rollout, met aandacht voor risicoreductie.

Afkadering: De inhoud is gebaseerd op een informatieve benadering van Microsoft 365 automatisering en moderne werkplekken, zonder specialistische claims.

Parallelle goedkeuringsworkflows in Microsoft 365

Bij de implementatie van Microsoft 365 goedkeuringsworkflows kan een parallelle run helpen om risico's te verminderen en de overgang soepeler te laten verlopen. Dit is vooral nuttig voor middelgrote bedrijven met complexe processen.

  • Parallelle goedkeuringspaden kunnen de doorlooptijd verkorten zonder controle te verliezen, maar vereisen duidelijke eigenaarschap om gegevensinconsistentie te voorkomen.
  • Een gefaseerde overgang met parallelle runs biedt de mogelijkheid om de betrouwbaarheid van de nieuwe workflow te valideren zonder de oude methode direct los te laten.
  • Bij meer dan 20 goedkeuringsverzoeken per week wordt handmatige tracking onbetrouwbaar, waardoor een parallelle run een verstandige keuze is.
  • Een directe cutover zonder delegatieregels kan leiden tot processtagnatie als een approver afwezig is, wat de noodzaak van een parallelle run benadrukt.

Beperkingen en mogelijkheden bij het ontwerpen van goedkeuringsworkflows in Microsoft 365

Goedkeuringen lopen vast of raken dubbel verwerkt zodra tijdens de overgang niet duidelijk is of e-mail of de workflow in Microsoft 365 de definitieve route is. Dat is meteen de scherpste ontwerpgrens: een goedkeuringsworkflow kan veel structureren, maar alleen binnen een proces dat één herkenbare lijn heeft voor status en afhandeling. Zodra mensen zowel in mail als in het systeem reageren, ontstaat verwarring over welke beslissing telt en welke status leidend is.

Binnen Microsoft 365 ligt de kracht vooral in het inrichten van verschillende goedkeuringspaden. Een sequentieel pad werkt stap voor stap en houdt de volgorde en hiërarchische controle zichtbaar. Een parallel pad laat meerdere goedkeuringen gelijktijdig lopen en kan de doorlooptijd verkorten zonder dat de controle volledig verdwijnt. Die keuze is geen technisch detail maar een ontwerpbeslissing: het bepaalt hoe werk door de organisatie beweegt, waar wachttijd ontstaat en of de route nog aansluit op de manier waarop afdelingen nu al accorderen.

De beperking zit in diezelfde vertaling naar de praktijk. Een workflow kan formeel goed zijn ingericht, maar tijdens een transitie breekt het proces alsnog als eigenaarschap niet scherp is. Dan keuren gebruikers een aanvraag eerst via e-mail goed en daarna nog een keer in Microsoft 365, of andersom. De uitkomst is niet alleen extra werk. De gegevens lopen uiteen, de definitieve status wordt onduidelijk en teams gaan weer terugvallen op hun oude handmatige controle, juist omdat de nieuwe route nog niet als enige waarheid wordt gezien.

In hybride werkomgevingen wordt die grens nog zichtbaarder. Centrale zichtbaarheid van de workflow-status is daar geen luxe, omdat het informele navragen bij collega’s minder vanzelfsprekend is. Als de status niet op één plek te volgen is, ontstaan sneller losse controles via mail of andere handmatige omwegen. Daarmee verschuift een goedkeuringsworkflow in Microsoft 365 van hulpmiddel naar extra laag bovenop het bestaande proces, en precies daar beginnen de verstoringen in plaats van de vereenvoudiging.

Waarom een parallelle run bij Microsoft 365 goedkeuringsworkflows overwegen?

Een directe omschakeling van e-mail en handmatige goedkeuringen naar een Microsoft 365 goedkeuringsworkflow kan al in de eerste dagen vastlopen doordat de nieuwe logica nog niet in de praktijk is gevalideerd, terwijl het oude werkproces dan al is losgelaten.

Daarom komt een parallelle run in beeld: de oude handmatige methode en de nieuwe automatisering bestaan tijdelijk naast elkaar, zodat de betrouwbaarheid van de logica eerst zichtbaar wordt in het echte werk. Dat maakt de uitrol minder abrupt. De overgang wordt dan geen alles-of-niets moment, maar een fase waarin duidelijk wordt of de workflow de bestaande goedkeuringsstappen echt goed volgt. Juist bij goedkeuringsworkflows is dat relevant, omdat een fout in de routing niet alleen technisch onhandig is, maar direct merkbaar wordt in vertraagde afhandeling en onduidelijkheid over wat al wel of niet is goedgekeurd.

Die noodzaak wordt groter zodra het volume oploopt. Vanaf meer dan 20 goedkeuringsverzoeken per week wordt handmatige tracking via e-mail statistisch onbetrouwbaar. In zo’n situatie voelt handmatig werken soms nog vertrouwd, maar de kans neemt toe dat statusinformatie verspreid raakt over mailboxen en losse controles. Een parallelle run geeft dan ruimte om de nieuwe werkwijze te toetsen zonder dat de dagelijkse afhandeling meteen volledig afhankelijk wordt van één nieuwe route. Dat verlaagt het risico dat een te snelle overgang direct uitmondt in gemiste handoffs of vertraging in de operatie.

De grootste verstoring ontstaat vaak niet door de automatisering zelf, maar door een overgang zonder duidelijke eigenaarschap. Dan voeren gebruikers goedkeuringen dubbel uit in mail en in het systeem. Die dubbele tracking lijkt op het eerste gezicht veilig, omdat er twee routes naast elkaar bestaan, maar in de praktijk ontstaat juist gegevensinconsistentie en verwarring over de definitieve status. Een parallelle run is daarom niet alleen een tijdelijke tussenfase; het is vooral een manier om te voorkomen dat een te vroege cutover wordt ingeruild voor chaos in twee sporen tegelijk, met onduidelijkheid over welke goedkeuring telt.

Risico's van een directe cutover naar geautomatiseerde goedkeuringen

Een directe cutover zonder delegatieregels laat een goedkeuringsworkflow direct vastlopen zodra een approver onverwacht afwezig is. Dan stopt de handoff niet alleen in Microsoft 365, maar ook in het werk eromheen: aanvragen blijven hangen, opvolging wordt onduidelijk en medewerkers vallen terug op losse omwegen buiten de afgesproken route.

Dat risico wordt groter zodra een handmatig proces in één keer wordt vervangen door geautomatiseerde goedkeuringen zonder rekening te houden met hoe verantwoordelijkheden in de praktijk lopen. Een goedkeuringspad kan sequentieel of parallel worden ingericht, maar die keuze bepaalt ook waar vertraging ontstaat. In een sequentieel pad blokkeert één ontbrekende stap de rest van de keten. In een parallel pad lopen meerdere beoordelingen tegelijk, maar ook daar ontstaat frictie als niet helder is wie wanneer moet reageren. Bij een directe overgang komt die ontwerplogica meteen onder druk te staan, omdat er geen ruimte meer is om afwijkingen in de dagelijkse werkwijze op te vangen.

In hybride werkomgevingen wordt dat sneller zichtbaar. Fysiek even langs een collega lopen om te vragen waar een aanvraag ligt, is dan geen vanzelfsprekende uitwijkroute meer. Als de workflow-status niet centraal zichtbaar is, verdwijnt het overzicht precies op het moment dat teams nog moeten wennen aan de nieuwe werkwijze. Dan ontstaan vertragingen niet alleen door de goedkeuring zelf, maar ook door extra navraag, losse controles en onduidelijkheid over de actuele stand van zaken.

De combinatie van afwezigheid, beperkte statuszichtbaarheid en een direct ingeschakelde workflow maakt de overgang kwetsbaar. Een aanvraag wordt ingediend, komt bij een approver terecht, blijft daar staan door afwezigheid en blokkeert vervolgens het vervolg van het proces. Zonder delegatie verschuift het werk niet automatisch door. Medewerkers zoeken dan een alternatief buiten de workflow om het proces toch gaande te houden. Daarmee verdwijnt juist de consistentie die de geautomatiseerde goedkeuring moest brengen, en ontstaat opnieuw afhankelijkheid van losse handoffs en shadow IT.

Besliscriteria voor het kiezen van een parallelle run

Dubbele tracking ontstaat zodra tijdens de uitrol niet duidelijk is wie eigenaar is van een goedkeuring: gebruikers handelen hetzelfde verzoek af in mail én in de nieuwe workflow, waarna onduidelijk wordt welke status nog geldt.

BesliscriteriumWanneer een parallelle run pastWat er misgaat als dit ontbreekt
Volume van het goedkeuringsprocesEen parallelle run ligt voor de hand zodra meer dan 20 goedkeuringsverzoeken per week worden verwerkt. Vanaf dat punt wordt handmatige tracking via e-mail onbetrouwbaar, terwijl een directe omschakeling tegelijk veel druk legt op een nieuwe werkwijze.Bij hoger volume stapelen kleine afwijkingen snel op. Als de oude en nieuwe route tegelijk gebruikt worden zonder tijdelijke overgangsaanpak, raakt de statusversie versnipperd en neemt de kans toe dat verzoeken dubbel of tegenstrijdig worden afgehandeld.
Betrouwbaarheid van de nieuwe logicaEen parallelle run is bedoeld voor een gefaseerde overgang waarin de handmatige methode en de nieuwe automatisering tijdelijk naast elkaar bestaan om de betrouwbaarheid van de logica te valideren. Dat maakt deze aanpak passend als de organisatie de nieuwe flow eerst in de praktijk wil toetsen zonder de oude route direct uit te zetten.Bij een directe overstap ontbreekt die tussenfase. Dan wordt pas tijdens dagelijks gebruik zichtbaar of de nieuwe werkwijze stabiel genoeg is, terwijl de handmatige terugvalroute al is losgelaten.
Duidelijkheid over eigenaarschapParallel draaien werkt alleen als tijdens de transitie helder is wie de goedkeuring afhandelt en welke route leidend is. Dat criterium weegt zwaar, omdat juist in een overgangsperiode oude gewoonten en nieuwe werkwijzen door elkaar lopen.Als eigenaarschap vaag blijft, voeren gebruikers goedkeuringen dubbel uit in mail en systeem. De uitkomst is gegevensinconsistentie en verwarring over de definitieve status, precies het soort verstoring dat een parallelle run juist zou moeten beperken.
Behoefte aan gecontroleerde overgangEen parallelle run past bij organisaties die de overstap niet in één keer vertrouwen en de verandering beheerst willen laten verlopen. De waarde zit dan niet in permanent naast elkaar werken, maar in tijdelijk vergelijken of de nieuwe automatisering dezelfde uitkomst ondersteunt als de bestaande handmatige werkwijze.Zonder die afbakening verandert een overgangsmaatregel in een blijvende dubbellaag. Dan blijft de extra afhandeling bestaan en wordt het lastiger om nog vast te stellen welke route leidend is voor de uiteindelijke goedkeuringsstatus.

Praktisch kader voor het implementeren van een parallelle run

Dubbele tracking ontstaat zodra goedkeuringen tegelijk via mail en via de nieuwe workflow blijven lopen zonder duidelijk eigenaarschap, waardoor verwarring ontstaat over welke status definitief is.

  • Begin een parallelle run alleen als er echt een overgangsrisico is dat niet past bij een directe omschakeling. Bij een gefaseerde overgang bestaan de oude handmatige methode en de nieuwe automatisering tijdelijk naast elkaar, met één doel: de betrouwbaarheid van de logica valideren terwijl het werk doorloopt. Dat kader past vooral bij situaties waarin de organisatie meer dan 20 goedkeuringsverzoeken per week verwerkt, omdat handmatige tracking via e-mail dan onbetrouwbaar wordt.
  • Beperk de parallelle run tot een duidelijke overgangsfase. Het mechanisme is niet bedoeld als vaste werkwijze, maar als tijdelijke controle op de nieuwe goedkeuringsworkflow in Microsoft 365. Zodra handmatig en geautomatiseerd naast elkaar blijven bestaan zonder afbakening, verschuift de aandacht van valideren naar bijhouden, en daar ontstaan de eerste verstoringen.
  • Leg vooraf vast wie eigenaar is van de goedkeuring tijdens de transitie. Juist in een parallelle run gaat het mis als gebruikers dezelfde aanvraag zowel in mail als in het systeem afhandelen. Die dubbele uitvoering veroorzaakt geen extra zekerheid, maar gegevensinconsistentie en discussie over de definitieve uitkomst. Het praktische effect is dat teams alsnog moeten terugzoeken welke route leidend was.
  • Gebruik de parallelle fase om de logica van de nieuwe workflow te toetsen op echte werkdruk, niet alleen op een papieren procesbeschrijving. De volgorde is dan helder: eerst loopt de aanvraag nog via de bestaande handmatige route, daarnaast draait de nieuwe automatisering mee, vervolgens wordt zichtbaar of beide uitkomsten gelijk blijven. Als daar afwijkingen in zitten, wordt meteen duidelijk waar de overgang nog frictie geeft zonder dat de oude werkwijze al is weggevallen.
  • Richt de overgang op het minimaliseren van verstoringen, niet op het zo lang mogelijk naast elkaar laten bestaan van beide methoden. Een parallelle run verlaagt het risico van een te vroege omschakeling, maar verliest zijn functie zodra medewerkers structureel twee administraties blijven gebruiken. Dan verandert een tijdelijke validatiefase in een bron van onduidelijkheid, met dubbele goedkeuringen in mail en systeem en verwarring over de definitieve status.

Belangrijke lessen en beperkingen van parallelle runs

Dubbele goedkeuringen in mail en systeem verstoren een parallelle run direct, omdat de definitieve status dan niet meer eenduidig is. Dat maakt meteen duidelijk wat de belangrijkste les van parallelle runs is: de methode werkt alleen als tijdelijke overgangsvorm om de betrouwbaarheid van de nieuwe logica te valideren, niet als blijvende werkwijze. Juist in die tussenfase laat een gefaseerde overgang zien waar de nieuwe automatisering nog schuurt met de bestaande praktijk, zonder dat de oude handmatige route al volledig is weggevallen.

Die les wordt scherper in omgevingen met meer dan 20 goedkeuringsverzoeken per week. Daar wordt handmatige tracking via e-mail statistisch onbetrouwbaar, waardoor een directe omschakeling extra spanning geeft, maar een parallelle run tegelijk ook meer discipline vraagt. De oude en nieuwe werkwijze naast elkaar laten bestaan verlaagt dan het risico dat een fout in de logica meteen de hele afhandeling raakt. Tegelijk ontstaat precies in zulke volumes sneller verwarring als niet vaststaat wie eigenaar is van de goedkeuring. Dan gaan gebruikers dezelfde aanvraag dubbel afhandelen, waarna gegevens uiteen gaan lopen en discussies ontstaan over welke uitkomst leidend is.

De beperking van parallelle runs zit dus niet alleen in extra werk, maar vooral in de korte houdbaarheid ervan. Een gefaseerde overgang is bruikbaar om betrouwbaarheid te toetsen, maar verliest zijn functie zodra de tijdelijke situatie zelf de grootste bron van onduidelijkheid wordt. Dan verschuift het risico van een ongeteste automatisering naar een hybride werkwijze waarin twee routes tegelijk blijven bestaan. In de praktijk betekent dat niet alleen vertraging in de afhandeling, maar ook extra herstelwerk omdat statussen, besluiten en opvolging niet meer vanzelf op één lijn liggen.

Parallelle runs zijn daarmee vooral een beheersmaatregel voor de overgang en geen stabiele eindsituatie binnen Microsoft 365. Zolang de handmatige methode en de geautomatiseerde route naast elkaar blijven bestaan, blijft de uitkomst afhankelijk van helder eigenaarschap per aanvraag. Valt dat eigenaarschap weg tijdens de transitie, dan volgt dubbele verwerking in mail en systeem, met gegevensinconsistentie en onduidelijkheid over de definitieve status.

Bronnen